Koude ochtenden, regen en, sinds de overgang naar de wintertijd op 25 oktober, de wandeling aan het eind van de middag al in het donker: de winter komt eraan. Hij rilt aan het eind van de riem, rolt zich op in zijn mand of wil niet naar buiten… Vraag je je af of je hond het koud heeft? Dan is het antwoord hoogstwaarschijnlijk ja. We leggen uit hoe je de signalen herkent, welke honden het kouwelijkst zijn en wat je doet om hem tot het voorjaar te beschermen.
Mijn hond heeft het koud: de signalen die niet liegen
Een hond klaagt niet, maar zijn lichaam spreekt boekdelen. De meest voorkomende signalen:
- Hij trilt of rilt, vooral als hij stilstaat.
- Hij maakt zich klein: gebogen rug en staart tussen de poten.
- Hij tilt zijn poten één voor één op van de bevroren of natte grond.
- Hij loopt langzamer, blijft staan of wil terug, terwijl hij normaal dol is op wandelen.
- Hij zoekt de warmte op: tegen de verwarming aan, opgerold, onder de deken op de bank gekropen.
- Zijn oren en voetzooltjes voelen koud aan.
Zijn de trillingen hevig en houden ze thuis niet op, of is hij lusteloos, gedesoriënteerd of erg zwak? Bel dan meteen je dierenarts.
Kouwelijke honden: wie de meeste hulp nodig heeft
Niet elke hond kan even goed tegen de kou. Gevoeliger zijn:
- kleine honden (chihuahua, yorkshireterriër, dwergpinscher, bichon), die snel warmte verliezen en met hun buik dicht bij de grond lopen;
- honden met een korte vacht of zonder ondervacht: windhond, whippet, boxer, dalmatiër, Franse bulldog…;
- pups en oudere honden, die hun temperatuur minder goed regelen;
- honden die erg mager of ziek zijn of net geschoren.
Een husky, een mastiff of een Berner sennenhond daarentegen kan dankzij zijn dichte ondervacht veel beter tegen droge kou. Maar geen enkele hond is gemaakt om de nacht buiten in de regen door te brengen.
Je hond uitlaten als het koud is
Kou is geen reden om de wandelingen te schrappen: je hond moet zijn energie kwijt. Pas gewoon het ritme aan.
- Korter maar vaker naar buiten, op de mildste uren van de dag: beter dan één lange wandeling in het donker.
- Blijf niet stilstaan. Juist in rust koelt een hond af: vermijd lange praatjes op de stoep.
- Een hondenjas, als hij die nodig heeft. Handig voor kleine, kortharige en oudere honden. Kies er een die goed aansluit en rug en borst bedekt, zonder de schouders of het lopen te hinderen. Een hond met een dichte vacht heeft er zelden een nodig.
- Zorg dat jullie gezien worden. Nu het al vroeg donker is, voorkomt een lichtgevende halsband of een reflecterend tuig nare verrassingen. En trekt je hond op gladde stoepen? Hier vind je de methode voor een hond die aan de riem trekt.
Thuiskomen: droge poten en vacht
Een natte hond heeft het veel kouder dan een droge. Zodra je binnen bent:
- droog hem af met een eigen handdoek, vooral de buik en de poten;
- heeft hij over zout op bevroren stoepen gelopen, spoel dan zijn voetzooltjes af met lauw water en droog ze goed tussen de tenen: zout irriteert en hij mag het niet aflikken;
- als zijn voetzooltjes droog of gebarsten zijn, vraag dan je dierenarts om advies.
Binnen: een warm plekje voor de nacht
De mand is net zo belangrijk als de jas. Zet hem uit de tocht, weg van de voordeur en grote ramen en, als het kan, iets verhoogd: een koude tegelvloer onttrekt veel warmte. Leg er een dikke deken in waarin hij zich kan oprollen, maar zet de mand niet pal tegen de verwarming, want dat droogt de huid uit. Zet je ’s nachts de verwarming lager, dan maakt die deken voor een kouwelijke hond het verschil.
De deken zit in no time vol haren: een zelfreinigende, herbruikbare ontharingsroller vangt de haren als je hem heen en weer beweegt, en werkt net zo goed op de bank.
Wat het eten betreft: een hond die veel buiten is, kan in de winter andere behoeften hebben. Overleg met je dierenarts voordat je zijn portie aanpast. En heeft hij buiten een drinkbak, controleer dan of die niet bevriest.
Fouten die je beter vermijdt
- Hem in de winter scheren: zijn vacht is zijn beste isolatie.
- Hem buiten laten slapen of in een onverwarmde garage, zeker als hij klein, een pup of al ouder is.
- Hem alleen in de auto laten: bij kou koelt de auto vanbinnen heel snel af.
- Hem te vaak wassen: af en toe een bad is genoeg, en altijd goed afdrogen.
- Elke hond uit gewoonte een jas aandoen: een hond met een dichte vacht kan het met jas te warm krijgen.
Kortom: let goed op je hond, pas de wandelingen aan, droog hem af als jullie thuiskomen en zorg voor een comfortabel plekje. Wil je zijn dagelijks leven makkelijker maken? Ontdek onze selectie voor honden en katten.